Jury rapporten winnaars 2019

Juryrapporten winnaars 2019

VROUWELIJKE HOOFDROL – CONNY STUART MUSICAL AWARD

Brigitte Heitzer

Ruim elf jaar geleden won Brigitte Heitzer de tv-talentenjacht Op zoek naar Evita. Daarna speelde ze Eva Péron in de musical Evita, en het leverde haar een nominatie op voor beste vrouwelijke hoofdrol. Heitzer speelde vervolgens in tal van andere musicals en oogstte daarvoor waardering, een schrale troost ook – in interviews bekende Heitzer dat ze een tijd lang schoon genoeg had van alles wat met Evita te maken had.

Maar nu, vele jaren later, gerijpter en met meer levenservaring, durfde ze het avontuur toch weer aan. En hoe. Heitzer speelt de voormalige first lady van Argentinië, de vrouw van kolonel Juan Péron, op onnavolgbare wijze. Razend knap en volkomen geloofwaardig is haar transformatie van het meisje uit het volk dat droomt van een grootser leven en hogerop wil, naar de vrouw die, met groeiend zelfbewustzijn, het Argentijnse volk weet te bespelen en op slinkse wijze regie voert. Heitzer maakt in haar spel volkomen aannemelijk hoe Eva Péron zozeer in zichzelf en haar machtspositie begint te geloven dat ze op afstand komt te staan van het volk dat haar zo in het hart sloot, en des te schrijnender, en roerender, is het moment waarop ze, ongeneeslijk ziek en moegestreden, met gebroken stem, verantwoording aflegt op de radio. Berekening heeft dan plaatsgemaakt voor berusting.

Heitzer maakt, doorleefder dan elf jaar geleden, en dus onontkoombaarder en indrukwekkender, alle facetten van het karakter van Eva Péron voelbaar. Ze is strijdbaar, berekenend, vilein, charmant en deerniswekkend, en, zelfs als ze kwetsbaar is, nog gracieus. En, niet in de laatste plaats: vocaal imponeert Heitzer in deze veeleisende musical op alle momenten. Zelfs een klassieker als Huil niet voor mij, Argentina wordt door haar betekenisvol gebracht. Haar uitvoering van Je blijft bij me, dat Eva voor haar man zingt als ze voelt dat alles haar dreigt te ontglippen, is breekbaar en roerend.

Met deze vertolking van Eva Péron speelt Brigitte Heitzer –die dit seizoen ook nog te zien was als gisse panterlegging-coach mét Limburgs accent in The full monty- de rol van haar leven. De jury vindt het dan ook hoog tijd dat haar nominatie, anders dan tien jaar geleden, nu wél verzilverd wordt. Met groot genoegen, en unaniem, kent de jury de Conny Stuart Award voor Beste Vrouwelijke Hoofdrol toe aan Brigitte Heitzer.

MANNELIJKE HOOFDROL – JOHN KRAAIJKAMP MUSICAL AWARD

René van Kooten

In de musical Evita speelt René van Kooten de rol van Che, geïnspireerd op de Argentijnse revolutionair Che Guevara die Eva Péron, op zijn zachtst gezegd, een spiegel voorhield. In deze voorstelling prikt Van Kooten, net als eerder Guevara, het sprookje van de Argentijnse presidentsvrouw door, maar dat doet hij niet met machtsvertoon – integendeel. Soms haast vederlicht, maar steeds trefzeker, profileert Van Kooten zich in zijn rol als kritische toeschouwer, en betrekt hij het publiek bij zijn vragen en overwegingen. Met souplesse, vanzelfsprekende flair en gesublimeerde nonchalance beweegt hij zich over het podium, maakt hij de toeschouwers deelgenoot van wat er in zijn hoofd omgaat, en confronteert hij de vrouw die als geen ander in haar eigen machtspositie en ambities is gaan geloven. Soms is hij teruggetrokken en behoedzaam, dan weer sardonisch, meestal kritisch, en dan plots ook even bewonderend. Hij is de uitdager én de commentator tegelijk, en de laconieke bravoure van Van Kooten zorgt ervoor dat Che nergens een barse moralist wordt.

Van Kooten speelt zijn rol energiek en overtuigend, en laat in deze voorstelling een –haast lichtvoetige- kant van zichzelf zien die niet eerder zo op zijn plek viel. Bovendien zingt hij als altijd met ongekend gemak de sterren van de hemel, zowel rafelig-rockend als lyrisch-teder, altijd spatzuiver en –voor wat betreft de verstaanbaarheid- kraakhelder.

Al vaak werd René van Kooten voor een Musical Award genomineerd, slechts één keer won hij hem, in 2008, voor zijn rol in Les Misérables. Hoog tijd dat daar verandering in komt. De jury beloont hem van harte met de John Kraaijkamp Musical Award voor zijn vertolking van Che in deze nieuwe versie van de musical Evita.

MANNELIJKE BIJROL

Laus Steenbeeke

Laus Steenbeeke –dit seizoen ook te zien in de locatievoorstelling Stork! en de komische musical Charley– heeft als acteur een grote staat van dienst, zowel op het toneel als in tv-series als ’t Schaep en Het Klokhuis. Nooit treedt hij te nadrukkelijk op de voorgrond, altijd is hij in zijn spel schatplichtig aan wat de regisseur van de voorstelling of dramaserie voor ogen staat – zonder dat hij daarbij zijn ‘eigenheid’ verliest. En soms ontstijgt hij daarbij zichzelf. Zoals in de reprise van de musical Woef Side Story, waarin hij met grote souplesse en overtuigingskracht in de voetsporen van Alex Klaasen treedt die eerder voor zijn aandeel in deze voorstelling met een Musical Award beloond werd.

Laus Steenbeeke laat in Woef Side Story in optima forma de staalkaart van zijn kunnen zien. Met groots en vanzelfsprekend gemak transformeert hij van het ene ‘karakter’ in het andere. Geestig is hij als de verzenuwde vlo To die blijft dagdromen over een roemrijk verleden, fraai-wuft als het kleine teefje Swiffer dat zichzelf overschreeuwt, en aandoenlijk als garagehouder Bob die –in de beste ruwe bolster-blanke pit-traditie- het hart op de goede plek heeft. Met zijn zwanenzang voor de hond Rover die ongelukkigerwijze het loodje legt zorgt hij voor een van de weinige oprecht-roerende momenten van de voorstelling.

Laus Steenbeeke blijft nooit steken in typeringen en maakt van zijn karakters (in een aantal gevallen: vlo of hond) levensechte wezens van vlees en bloed. De rollen die hij in tal van producties speelt zijn van constante kwaliteit, en in Woef Side Story laat hij dat in de volle breedte en in grote variëteit zien. Reden genoeg voor de jury om hem te lauweren met een Musical Award voor Beste Mannelijke Bijrol.

VROUWELIJKE BIJROL

Jeannine la Rose

Soms maakt een acteur of actrice na verloop van tijd zijn of haar entrée in een tot dan toe al redelijk geslaagde voorstelling en zit je opeens op het puntje van je stoel. Raak je verpulverd. En heb je het gevoel dat je een ster geboren hebt zien worden.

Het overkwam de jury bij de emotionerende voorstelling The color purple, gebaseerd op de veelbekroonde roman van Alice Walker. In dit verhaal over de (on)mogelijkheid om aan je lot te ontsnappen en met vereende vrouwenkracht op te staan tegen degenen die je geen uitzicht bieden op een beter bestaan, speelt Jeannine la Rose Sofia, de vrouw die vastbesloten is om zich nooit meer te laten hinderen door haar verleden van afwijzing en mishandeling. Dat doet La Rose krachtig en zelfverzekerd, onverzettelijk en met bravoure. Ze leest Mister, met rollende ogen, als zelfbewuste furie de les en gaat een formidabele catfight aan met haar rivale Squeak. En intussen beschikt Jeannine la Rose over een groots gevoel voor timing, zorgt ze dankzij haar spel voor hilariteit en maakt ze ook op de meest veelbewogen momenten voelbaar wat Sofia eerder –met mannen- doorstaan heeft en waarom ze handelt zoals ze handelt. Daardoor is haar vertolking van Sofia, ondanks haar machtsvertoon, ook roerend. Als zangeres overtuigt ze intussen ook.

In een –aanvankelijk duister- verhaal is Jeannine la Rose de vrouw de onbetwiste ster die licht brengt. En daarmee is ze ook een waardige ‘opvolgster’ van Oprah Winfrey die indertijd als actrice debuteerde met haar vertolking van Sofia in de verfilming van de roman van Alice Walker.

Geen Oscar voor Jeannine la Rose, maar de jury kent haar met groot genoegen een minstens zo prestigieuze Musical Award toe voor haar rol in The color purple.

AANSTORMEND TALENT

Jochem Smit

In een voorstelling die, vanwege het onvermogen en het verborgen leven van de hoofdpersoon, songwriter Cole Porter, toch al zou moeten ontroeren, is het uitgerekend de jonge, getalenteerde acteur Jochem Smit die de jury –en het publiek- echt raakt. Hij, Bobby, de ‘verzorger’ van Porter, emotioneert als hij de moegestreden Porter troostrijk omarmt en intussen Miss Otis regrets zingt. Maar eerder ontroert Smit ook al, als hij tijdens zijn vertolking van So in love tijdens een medley in een radioshow –terecht- de aandacht van Cole Porter vangt.

Smit is in zijn rol van Bobby dartel en onbevangen –bijvoorbeeld tijdens het ensemblenummer in een tv-show- maar ook assertief, als hij het lef heeft Cole Porter te benaderen, en later, als hij tijdens de verzorging van Porter hem de les durft te lezen. Geestig is hoe hij op een van die momenten, als Porter zijn tijd allang in zelfgekozen eenzaamheid doorbrengt, de stem van radio-host Monty Woolley imiteert.

Jochem Smit maakt voelbaar wat het musicalvak vergt en maakt nu al, op zo’n jonge leeftijd, waar dat je in deze theatertak in uiteenlopende disciplines moet kunnen excelleren. Spel, zang, dans: hij is een grote belofte voor de toekomst en hij maakt nieuwsgierig naar heel veel meer. De jury is ervan overtuigd dat Jochem Smit nog veel van zich zal laten horen en zien en beloont hem unaniem met de Musical Award voor beste Aanstormende Talent.   

CHOREOGRAFIE

Daan Wijnands

Daan Wijnands is als choreograaf een grootse vaste waarde in musicalland, met een ongekende productiviteit en creativiteit. Alleen al afgelopen seizoen maakte hij voor drie musicals de choreografieën: Selma Ann Louis, Woef Side Story –waarvoor hij terecht genomineerd werd- en All Stars. Voor de choreografie die hij voor laatstgenoemde voorstelling bedacht wordt zijn nominatie verzilverd in de vorm van een Musical Award, en het is –na De Marathon vorig jaar- voor de tweede keer op rij dat hij deze prijs krijgt.

In All Stars ontsnappen volwassen mannen –net als in de tv-serie eertijds- aan de sleur van werk en huwelijk als ze op de groene mat hun potje voetbal spelen. En ze dagdromen intussen over de tijd dat hun levens nog heel wat minder veeleisend waren. Bij zulke mannen –die er vooral niet op uit zijn hun ziel meteen op tafel te leggen- past geen gisse choreografie met elegante danspassen. Daan Wijnands bedacht evengoed een allurerijke en inventieve choreografie die hun karakters en verlangens volkomen recht doet. Stoer, bonkig en toch elegant, en vooral heel geloofwaardig, zijn de passen die deze vrijetijdsvoetballers maken, en de vrijheden die ze zich, al dansend, haast in de beste voetbaltraditie, permitteren. Ze overtuigen in hun ‘gevechtsdans’ met de vrouwen, ze imponeren, en zijn haast aandoenlijk, met hun parapluparade in de regen. Roerend is het moment waarop Mark dansend opkomt als Bram zijn liefdesverklaring zingt. En grensverleggend en betoverend is de sublimatie van de omkering van waarden als de mannen en de vrouwen, in juist niet-traditionele rolpatronen, elkaar dansend ‘te lijf’ gaan: de vrouwen als stuivende voetbalfuries, de mannen in een verstilde Zwanenmeer-achtige setting – en dat ze op dat moment vanzelfsprekend geen volleerde balletdansers zijn ontroert juist extra.

Na een hoop geslaagde choreografieën in het verleden tilt Daan Wijnands zijn creativiteit en inventiviteit naar een nóg hoger plan in All Stars, en hij bewijst zijn vakgebied daarmee een grote dienst. De jury beloont hem dan ook van harte met een Musical Award voor Beste Choreografie.

TONEELBEELD EN VORMGEVING

Michiel Voet

De musical Het Pauperparadijs werd eerder op locatie gespeeld, in Drenthe, waar de voorstelling –gesteund door de natuurlijke omgeving- prachtig tot z’n recht kwam. Het is ongelooflijk knap hoe Michiel Voet erin geslaagd is de sensatie van die natuurlijke omgeving te verplaatsen naar Koninklijk Theater Carré waar de voorstelling afgelopen zomer werd gespeeld. De mistflarden boven de dampende Drenthse veengronden, de helse entourage van de stoommachinefabriek: het is alsof je er met je neus bovenop zit, én er deel van uitmaakt. Voet slaagt er met zijn decorontwerp in om uiteenlopende werelden en taferelen volkomen levensecht te maken. En hij bereikt soms met minimale middelen een maximaal effect, dankzij een grote mate van inventiviteit, in de beste traditie van wat verbeeldingrijk theater kan zijn. Een groepje mensen met een enkele mast en een enkel zeil wordt –met dank ook aan de videoprojectie van de woelige baren op de achtergrond- met gemak een schip in opperste nood. Maar ook de Amsterdamse Jordaan komt uitgekiend tot leven, en het slotbeeld –met de oplichtende kruisen die de graven van de verworpenen verbeelden- trilt nog lang na.

Michiel Voet geeft de voorstelling op gepaste momenten –ook letterlijk- historische context; zijn decorontwerp is zinnenprikkelend, oogstrelend, momumentaal, rauw, intimiderend en poëtisch, en verbeeldt een wereld waaraan je soms het liefst zou willen ontsnappen: de wereld waartoe de paupers van de 19de eeuw veroordeeld waren. De jury beloont Michiel Voet met de Musical Award in de categorie Toneelbeeld en Vormgeving.

MUZIEK / ARRANGEMENTEN

Michael Reed

Voor de muziek van Charley de komische musical deden de producenten Jon van Eerd, Ton Fiere en Lesley Pols een beroep op de befaamde en vaak gelauwerde Britse componist Michael Reed. Eerder dirigeerde en arrangeerde hij tal van West End Shows, was hij muzikaal supervisor van vele Andrew Lloyd Webber-musicals, en componeerde hij muziek voor uiteenlopende voorstellingen. In Nederland was hij verantwoordelijk voor de arrangementen van de bekroonde musical Moeder ik wil bij de revue.

Voor Charley de komische musical legde hij, in alle opzichten, precies de juiste accenten. In zijn composities wordt overtuigend de wereld tot leven geroepen die het verhaal van de voorstelling wil verbeelden: de zorgeloze tijd van de roaring twenties, van revue, glitter en glamour en een ontluikend Hollywood, en in de traditie van de Engelse musical-comedy. Schijnbaar moeiteloos rijgt hij verschillende muziekstijlen aaneen. De variëteit is groot: van revue en bigband-jazz tot salsa-ritmen, een dansduet, een ballad en een vleugje Stephen Sondheim in ‘Arbeidsvoorwaarden’. De muzikale vindingrijkheid en spitsvondigheid maken indruk: mooi hoe in ‘De Rivièra’ een flardje Marseillaise niet geschuwd wordt; feestelijk hoe ‘Oh Brazilië’ uitgroeit tot een meezinger die zijn weerga niet kent.

Michael Reed verrijkt Charley de komische musical met songs die vanaf het eerste moment klinken als klassiekers die door het swingende live-orkest overtuigend worden uitgevoerd. De jury beloont hem van harte met de Musical Award in de categorie Beste Muziek/Arrangementen.

SCRIPT, LIEDTEKSTEN, VERTALING

Jon van Eerd

Jon van Eerd, dit seizoen als acteur te zien in Charley de komische musical, waarvoor hij ook het script en de liedteksten schreef, maakte de Nederlandse bewerking van de musical The Addams Family die in 2010 op Broadway in première ging. Hij doet dat door het vreemde en afwijkende vernuftig tegenover het veilige en o zo alledaags-herkenbare te plaatsen, en maakte niet een gemakzuchtige adaptatie van het Amerikaanse origineel. Integendeel: Van Eerd schoeit zijn script vakkundig op Hollandse leest, met tal van –vaak ook hilarische en vileine- verwijzingen naar Nederlandse fenomenen en wapenfeiten. De familie Beineke komt gewoon uit de Achterhoek, en zij zullen –net als het publiek in de zaal- kunnen grinniken om de referenties aan Willem Alexander en Maxima, DWDD-types en misdaadverslaggever Peter R. de Vries die toch echt te vaak op de buis te zien is.  Ook Hollandse actualiteiten worden niet geschuwd: listig zijn opmerkingen over de SGP en de dividendbelasting in het script verwerkt.

Van Eerd jongleert met de taal, permitteert zich vrijheden (koosnaampjes als ‘voodoopopje’ en ‘arsenicumpilleke’), en maakt de wereld van de excentrieke familie Addams volkomen levensecht. Hij is erin geslaagd om elk familielid zijn of haar eigen vocabulaire mee te geven – met als vlaggeschip misschien wel de onnozel-aandoenlijke rijmpjes die Ellis Beineke te pas (en te onpas) voordraagt. Zijn bewerking van het oorspronkelijke script is zo verbeeldingrijk dat het zelfs vakkundig verbloemt dat het verhaal bij vlagen flinterdun is.

Vooral ook in de liedteksten komt de talige spitsvondigheid van Van Eerd tot z’n recht, in soepel en hedendaags Nederlands, poëtisch en toegankelijk tegelijk, zonder stoplappen en vol dartel binnenrijm.

Het script en de liedteksten van Jon van Eerd bruisen, knisperen en kwinkeleren, en hij verkent met brille de mogelijkheden die de Nederlandse taal ons biedt. Voorwaar een grootse prestatie, in deze tijd waarin onder andere aan opleidingen steeds meer mensen hun toevlucht zoeken in het Engels. De jury beloont hem van harte en unaniem met de Musical Award in de categorie Script/Liedteksten/Vertaling voor de beste Bewerking en Vertaling.

REGIE

Paul Eenens

Paul Eenens, sinds jaar en dag een van onze meest vooraanstaande musicalregisseurs, en vorig seizoen nog (mede-)verantwoordelijk voor het succes van de bekroonde voorstelling Was getekend, Annie M.G. Schmidt, durfde de uitdaging aan om de Nederlandse versie van het Broadwaysucces The Addams Family te regisseren. Hij slaagt erin om de familie Addams ondanks hun excentrieke voorkeuren en macabere fantasieën toch levensecht en herkenbaar te maken, en soms misschien zelfs wel wat aandoenlijker dan de alledaagse familie Beineke die een nieuwe wereld binnenstapt. De contrasten tussen beide families zet hij scherp en geloofwaardig maar nooit overdreven aan, zodat steeds weer de vraag opduikt wat eigenlijk normaal is – en wat niet. 

Hij slaagt erin om van de personages karakters te maken, die ondanks de soms uitzinnige en hilarische taferelen nergens schmieren. En hij brengt, in een vaak zinnenprikkelende setting, lugubere en onverwachte objecten binnen handbereik, zodanig zelfs dat ze als vertrouwd aanvoelen. Een spijkerbed, een elektrische stoel, een guillotine: ze maken als vanzelfsprekend deel uit van het huishouden van de familie Addams, en op de juiste momenten wordt de argeloze toeschouwer alsnog de stuipen op het lijf gejaagd. Het ensemble vormt een hechte eenheid, in samenspel en dialoog met de hoofdrolspelers – tot in de kleinste rollen is er oog voor detail en voor ieders specifieke kwaliteiten en eigenaardigheden. Subliem is de regie van de excellerende Raymond Paardekooper als de butler Lurch, die zonder tekst, maar met trage tred en een ongekende timing, in een enkele oogopslag of handeling een wereld oproept en de aandacht van het publiek afdwingt.

The Addams Family is een enerverende lust voor het oog, dankzij een uitgekiende mix van komisch en bij vlagen hilarisch -maar altijd beheerst!- spel, swingende ensemble-nummers en effecten die je, tot je genoegen, de koude rillingen bezorgen. En Paul Eenens geeft het tamelijk dunne verhaal van de voorstelling een extra dimensie dankzij zijn vindingrijke regie. Hem wordt door de jury dan ook van harte de Musical Award gegund voor Beste Regie.

GROTE MUSICAL

Tachtig jaar geleden was The Addams Family nog een cartoon van tekenaar Charles Addams in The New Yorker Magazine. Later werd het een tv-serie en nog weer later, vanaf april 2010, een musical op Broadway. En nu is er dan eindelijk de Nederlandse versie van dit verhaal over wat eigenlijk normaal is en niet, in de briljante bewerking en vertaling van Jon van Eerd.

Dat verhaal van The Addams Family is, ook in de Nederlandse versie, misschien niet het allersterkste punt, maar verder was de jury diep onder de indruk van alle aspecten van deze voorstelling. Regisseur Paul Eenens smeedde het ensemble tot een hecht geheel, met uitstekende samenzang, en maakt op de juiste momenten gebruik van effecten die de toeschouwer de stuipen op het lijf jagen – of juist doen glimlachen. Alle rollen zijn sterk bezet, en de acteurs slagen erin om van hun karakters –ondanks hun huiveringwekkende façades – karakters van vlees en bloed te maken, soms op het aandoenlijke af. Het contrast tussen de families Addams en Beineke is scherp en geestig –maar nergens gemakzuchtig-potsierlijk- aangezet.

De voorstelling is, in alle opzichten, schitterend vormgegeven, met een tot in de puntjes verzorgd, verrassend decor, kleding in uitzinnige horrorstijl, en een grootse prestatie op het gebied van kap, grime en visagie. Bobbie Renooij zorgde in zijn grime-ontwerp voor de juiste dieptewerkingen en contrasten tussen licht en donker, vergrootte de accenten van de gezichten uit en zorgde ervoor dat de familieleden Addams, ondanks hun ‘dodenmaskers’, toch levensecht en menselijk zijn – zelfs huisbutler Lurch.

The Addams Family doet, met andere woorden, wat theater moet doen: het betovert en verleidt je, het maakt je vertrouwd met een nieuwe wereld die niks van doen heeft met de waan van de dag, en het zorgt ervoor dat na afloop het leven van alledag een stuk minder saai en –in dit geval- ook minder overzichtelijk lijkt.

Wat pas echt deerniswekkend en sneu is, wordt ergens in de voorstelling geopperd, is dat je ergens in de veertig bent en dan met je gezin naar de musical gaat. Deze hoogwaardige productie bewijst in alle opzichten het tegendeel. Een grootse prestatie van initiatiefnemer Marc Muller, directeur van TEC Entertainment, die al eerder buitenlandse producties naar Nederland bracht maar voor wie deze voorstelling de eerste eigen, geheel Nederlandstalige voorstelling is. De jury bekroont The Addams Family dan ook van harte als de Beste Grote Musical van het voorbije seizoen.

KLEINE MUSICAL

Wat gebeurt er als regisseur Pieter Kramer, gesteund door scriptschrijver Nathan Vecht, zijn licht laat schijnen op de filmklassieker Thelma and Louise, en dat een theatervoorstelling wordt? Dan komt daar op zijn minst een zeer eigenzinnige versie van, die het drama bepaald niet uitvergroot en met de nodige hilariteit en muzikale Schwung een verhaal vertelt.

Selma Ann Louis is, in de beste Pieter Kramer-traditie, een speelse, inventieve,  grensverleggende en nooit voordehandliggende voorstelling die de conventies van het theater tart en balanceert op de grens van drama (nooit: melodrama), slapstick en kolder. En intussen tussen de regels door –maar nimmer moralistisch- een kleine boodschap presenteert – in dit geval: over ‘anders’ zijn. Verleden en heden worden mooi gespiegeld, als de jonge versies van Selma, Ann en Louis eerst de ‘gewetens’ zijn van de volwassen Selma, Ann en Louis, en later andersom, als de ‘oude versies’ een levensles geven aan de jonge garde. De muziek en de liedjes, soms wat plichtmatig, maar soms ook met een verrassende country-sound, zetten het verhaal kracht bij.

De voorstelling schotelt zinnenprikkelende taferelen voor en prikt al te grote gebaren door. Wat te denken van kogelgaten die gewoon op een auto worden geplakt of geweerschoten die te vroeg –of juist te laat- klinken?   

Virtuoos wordt, in het decorontwerp, het roadmovie-thema verbeeld, inclusief de vlucht, in hoog tempo, op de snelweg. Betoverend is de achtervolgingsscène waarin de toeschouwers vanuit grote hoogte, als vormden ze tezamen een drone, de situatie waarnemen.

Als altijd in Kramer-voorstellingen wordt het publiek nadrukkelijk geadresseerd en in dit geval zelfs bij het verhaal betrokken: ze worden, dankzij een stoomcursus acteren, figuranten tijdens een penibele scène in een supermarkt. Maar de echte acteurs zijn uiteraard de ware sterren –alhoewel in het universum van Pieter Kramer stardom steevast op de hak wordt genomen-, met onder andere Bas Hoeflaak als uitblinker, in zijn dubbelrol als bonkige politieman en ontredderde echtgenoot van Ann. Selma Ann Louis maakte tenslotte een unieke combinatie mogelijk: Arjan Ederveen speelt voor het eerst samen met het komische duo Plien & Bianca – en die verbintenis smaakt naar meer.

Selma Ann Louis laat zien wat theater in optima forma kan betekenen. De jury beloont de voorstelling van harte met de Musical Award voor Beste Kleine Musical. E

Nog geen reacties

Doe mee aan de discussie

Nog geen reacties!

Jij kan de eerste zijn om de discussie te starten .

Alleen een geregistreerde gebruiker kan reageren.